15+ jaar ervaring
Agrarische specialisten
Persoonlijk advies
Eigen serviceteam

Het verhaal van Alex: goede hygiëne rondom en in de ligboxen

Het winterweer is zo vlak voor de kerst nog ver te zoeken. Op melkveebedrijf Arkink in Bornerbroek, net onder Almelo, kijkt boer Alex met deze temperaturen eerder of de groei weer in het gras zit. Buiten de stalling staat de hark al klaar op het erf. Het blijft vandaag bij een schoonmaak- en onderhoudsbeurt. Met de hulp van zijn vaste medewerker voor de weekenden en zoontje Fedde probeert hij intussen wat kapotte vorken te repareren. Sleutelen aan landbouwmachines heeft hem altijd al geboeid.

Ontdek het verhaal van Alex!

Alex' zoon Fedde helpt mee bij het schoonspuiten van de hark met hulp van een vaste medewerker

“Toch ben ik ook steeds meer een koeienboer geworden”, merkt de 38-jarige veehouder die in het verleden is opgeleid tot ‘Monteur Landbouwmechanisatie’. “Dat gehobbel op een trekker ben ik ook weleens een keer zat”, grapt hij. Al heeft de eigenlijke reden te maken met de eerdere keus voor bedrijfsovername, wat voor een andere invulling van tijd zorgt. Zo’n zeven jaar geleden hebben Alex’ ouders de boerderij verlaten en zijn hij en zijn vrouw Jolande op de boerderij gaan wonen. Inmiddels is het gezin verrijkt met drie kinderen. “Mijn vader komt dagelijks nog op de fiets om daar waar nodig en mogelijk te ondersteunen.”

Binnenin de koeienstal van melkveebedrijf Arkink

Een duidelijke voorwaarde

Het zetten van een nieuwe ligboxenstal in 2008 is meteen het omslagpunt geweest om over te stappen op geautomatiseerd melken. Een persoonlijke wens van de jongere Alex, die thuis als enige van de drie oprechte interesse toonde in de boerderij. “Een bewuste keuze”, zo zegt hij zelf. “Het had er wel mee te maken of ik het bedrijf wilde voortzetten.” Daarna is de veestapel verdubbelt naar 120 melkkoeien. “Daar heb je de handen alsnog vol aan, maar qua arbeid en nu met het gezin bevalt het heel goed.”

Melkrobots in actie op melkveebedrijf Arkink

Productie belangrijker dan exterieur

De oudere generatie en de huidige melkveehouder dachten in hun gezamenlijke tijd op de boerderij meestal hetzelfde. Maar zodra het op het uiterlijk van de koeien aankwam, dwaalde Alex liever af naar de machines. “Mijn vader was een exterieurboer en hield zich veel bezig met de fokkerij, ging naar keuringen en dat soort dingen. Ik stuur nu meer naar een rendabele koe. Ik wil ‘gewoon’ een mooie koe met melk eronder”, stelt hij. Dat moet vooral met eigen ruwvoer gebeuren. “Wat je zelf hebt, wil je er eerst doorheen drukken.”

Koeien van Alex Arkink bij het voerhek

Vastlopen op eigen bodem

Het Twentse melkveebedrijf beheert zo’n 62 hectare grond, waarvan 45 hectare in eigen bezit. “Een paar procent is maïs, omdat er een stuk op afstand ligt. Daar is vanuit gemak voor gekozen”, vertelt Alex. Alle percelen liggen op zandgrond. Daardoor zijn de nadelige gevolgen van het wegvallen van derogatie extra groot. “Als het droog is, is het goed droog en moet ik zelfs gras aankopen. Dit jaar kan het echt net, maar je merkt hier dat de grond uitput. Ik moet meer mest kwijt en daardoor verbouw ik minder”, zo ziet hij.

Voorzijde melkveebedrijf Arkink met speelgoedtrekker van de kinderen

Balans zoeken en de balans opmaken

Een bestemming vinden voor zijn ‘mestoverschot’ is niet het probleem. “Daar heb ik mijn adresjes nog wel voor”, geeft Alex aan. De uitdaging bestaat er vooral in om de kosten in toom te houden en de afbraak van de bodem te stabiliseren. “Je probeert wel wat, zoals bewust kijken naar het juiste moment van injecteren en de vaste mest uit de strohokken gebruiken om toch structuur te behouden”, zegt hij. “Compost zou nog een optie kunnen zijn, maar het wordt gewoon lastiger en daardoor zal ik meer voer moeten aankopen.”

Rantsoen voor de koeien in de sleufsilo

Besparen op strooiselaankopen

Door gescheiden mest in de boxen te strooien, schakelt Alex in elk geval een herhalende kostenpost uit. De eerste ervaring met mest scheiden gaat meer dan tien jaar terug in de tijd. “Een buurmanboer had een mestscheider op een karretje aangeschaft. Die haalden we elke twee weken op”, weet hij nog goed. Het bleek de ideale situatie op dat moment, want zo kon de familie Arkink redelijk vrijblijvend kennismaken met het product. “Je legt de koeien toch in hun eigen mest. Daar was ik in het begin huiverig voor”, geeft hij aan.

Gescheiden mest op een hoop, droog en klaar om in te strooien

Eigen mestscheider in de wachtruimte

Aan de ingedikte mest zou het niet liggen. De gehuurde machine liep op zijn eind en dus stonden de bedrijfsleiders voor een nieuw keuzemoment. Vanwege de aanschafkosten zagen ze eerst af van een eigen mestscheider. “Van alles hebben we daarna geprobeerd: stro met kalk werd te ruw om goed te verwerken en vlas werd één grote koek in de box”, spreekt Alex ontevreden. Ook zaagsel werd aan de kant geschoven, zelfs letterlijk in rap tempo de put in getrapt door de koeien. “En dat werd ook alsmaar duurder.”

Terug naar het ‘oude & vertrouwde’

Net zo tevreden als in de tijd van gescheiden mest is de veehouder niet meer geweest. “Als de koeien daar wat van uit de box krabben, dan doet dat lang zo zeer niet”, zegt Alex. Vanwege de oplopende zaagselkosten kwam het er nu wel van: een eigen mestscheider op het erf. “Nu denk ik van: toe maar, dan zet ik de machine wel weer aan.” Bijvullen doet hij twee keer per week. “Op een zomerdag kan ik het met één keer af.”

Holstein-koe van melkveebedrijf Arkink in een ligbox met gescheiden mest

Celgetal onder de 100

Op het familiebedrijf houden ze de bacteriedruk door de jaren heen goed onder controle. Het resultaat: melk met een celgetal onder de 100. Laatst kelderde de waarde zelfs bijna beneden de 50. “Dan konden we taart krijgen, maar dat lukte helaas net niet”, lacht Alex. Voor de oorzaak kijkt de veehouder niet naar het type strooisel, maar naar hygiëne. “Het celgetal heeft vooral met de omgeving te maken. Het laat zien wanneer iets wel of niet in orde is. Daarin is de ligbox een ‘hot item’, maar met een robotmelker scheelt het ook.”

Zwartbonte koe in gescheiden mest

Naar de boxen omkijken

Achter de stal op een verhoging van betonblokken staat een mestscheider van Keydollar. “De machine is compact, makkelijk in onderhoud en heeft niet veel poespas met allerlei meters”, zo ervaart de mechanicus. “Het is eruit draaien en klaar!” Op de overige dagen krabt Alex het strooisel in de boxen los om het product luchtig en droog te houden. In de tussentijd blijft hij zorgvuldig. “Laatst was de gescheiden mest zeiknat geregend. Het zeil was eraf gewaaid. Dan komt het niet meer in de boxen, maar gaat het op de mestvaalt.”

Het verhaal van Alex, die tevreden is over het strooisel wat hij op eigen erf produceert.

Lang zal Alex niet gebaald hebben. De bodem kan deze ‘verloren’ mesthoop anders ook goed gebruiken als organische stof. En regen? Ook dat is meer dan welkom. “In deze regio is sleepslangen in opkomst vanwege de bodemdruk. Dat zou ik ook wel willen, maar dan moet er ook water zijn. Hier ben ik afhankelijk van de sloot”, weet Alex. De komende jaren staan op het melkveebedrijf in het teken van optimaliseren, dus wie weet lukt het om deze vorm van mest rijden te realiseren. “Uiteindelijk zal het allemaal wel loslopen”, stelt de veehouder met betrekking tot derogatieverlies.

Ook mest scheiden voor boxstrooisel?

Bekijk ons aanbod!